OverCop - Wie is WIe?

Tekst door Uschi Cop, Beeld door Ilke Cop





"Wie is wie?" Met die uitroep in echo zijn we groot geworden. Het lijkt een onschuldige vraag die een duidelijk antwoord verdient. Dat geef ik dan ook. Ik ben Uschi, zij is Ilke. De verveelde zucht probeer ik in te houden.


Het antwoord op deze vraag, is oneindig veel complexer dan mensen denken en gaat dan ook gepaard met een gezonde dosis existentiële angst. Ik ben mezelf en zij is zichzelf, maar we zijn ook een beetje elkaar. En hoe lastig we dat soms ook vinden, dat valt niet te ontkennen. Sterker nog: voor de delen die niet elkaar zijn, hebben we hard moeten vechten.


Op ons tweeëndertigste hebben we meer uren samen doorgebracht dan de meeste partners in een heel leven zullen doen.

Want zij en ik delen 99,9% van ons DNA. We zijn genetisch haast niet te onderscheiden van elkaar. Voor diegenen die dromen van een toekomst waarin je jezelf kan klonen: voor ons is het een werkelijkheid. Als ik naar haar kijk, kijk ik een beetje in de spiegel en als ik in de spiegel kijk, kijk ik een beetje naar haar. Naast dat gedeelde DNA delen we natuurlijk meer: we delen onze familie, ons ouderlijk huis en wonen nu ook terug samen. Op ons tweeëndertigste hebben we meer uren samen doorgebracht dan de meeste partners in een heel leven zullen doen.


Zoals het tweelingcliché dicteert, hebben we een hele sterke band. Dat betekent niet dat ik haar pijn vanop een afstand voel, maar meer dan eens ben ik in tranen uitgebarsten als zij haar knie schaafde. En het betekent niet dat ik haar gedachten kan lezen, maar soms is een blik genoeg om te weten wat ze van een bepaalde opmerking vindt. En we verdedigen elkaar, ook als we het écht niet verdienen. Lachend zeggen we dat het een logisch gevolg is van onze genetische band; zoals een moeder haar zuigeling kost wat kost beschermt of een mannetjeszeepaard zijn gezondheid opoffert voor het opvoeden van zijn kroost: it’s about survival of the genes!


we verdedigen elkaar, ook als we het écht niet verdienen.

Maar stiekem denk ik dat het net die 0,1% verschil is, wat ons aan elkaar bindt. Elke mens heeft een overdonderende behoefte aan een eigen identiteit: een te onderscheiden persoonlijkheid, hobby’s waar je unieke talenten aan bod kunnen komen, specifieke voorkeuren in voedsel, kleuren, muziek. Zaken waar je je mee identificeert en kan zeggen: dit ben ik!


Als je opgroeit met iemand die uit exact hetzelfde materiaal bestaat, ligt dit proces noodzakelijk wat moeilijker. Daarnaast focussen de mensen in de omgeving van een tweeling zich snel op de gelijkenissen. Misschien voelen we daardoor nog meer de nood om een antwoord op de vraag “wie is wie” uit de grond te stampen.


Met een tweelingzus aan je zij is die ontdekkingstocht een heel expliciete strijd. Wij voeren de worsteling voor zelfontwikkeling voortdurend in dialoog en conflict met elkaar. Anders dan bij eenlingen is er, als je deel bent van een tweeling, altijd iemand die zich ent op de identiteit die je zelf aan het vormen bent. Iemand die een personal interest in jouw ontwikkeling heeft. Iemand die zich soms juist afzet tegen wat je jezelf aanmeet en daarom in de andere richting zal bewegen.


toch blijven we actief vechten voor die uniciteit, en ik geloof dat dat ons betere makers maakt.


Zo is Ilke dromerig, chaotisch, heeft ze een enorm ochtendhumeur en is ze een echte levensoptimist. Ik ben eerder rationeel -een denker-, een geboren entertainer en verteller, met een koffertje vol neuroses. Al hebben we beide creatieve tentakels – ik schrijf, zij schildert- toch blijven we actief vechten voor die uniciteit, en ik geloof dat dat ons betere makers maakt.


Dus de volgende keer dat iemand de vraag stelt, kaats ik hem gewoon terug: Wie is wie?

Wij zijn het levende bewijs dat je je eigen karakter en talenten kan ontwikkelen, zelfs met een enge bewegingsruimte van 0,1%. Het is in die ruimte dat mensen meer verantwoordelijkheid kunnen vinden voor de persoon die ze zijn en kunnen zijn. Een reden voor optimisme, me dunkt. Het is ook in die ruimte dat er zoveel liefde kan ontstaan, in die intieme worsteling om uit elkaar te groeien en toch bij elkaar te blijven. Want dat is een moeilijke opdracht, zelfs voor mensen die 99,9% DNA delen.


Dus de volgende keer dat iemand de vraag stelt, kaats ik hem gewoon terug: Wie is wie? Want het is niet enkel een vraag voor tweelingen, maar iets waar iedereen van wakker hoort te liggen.


Column over de belevenissen van twee jonge vrouwen in Brussel, die toevallig hetzelfde DNA delen. Ontstaan uit één ei, leggen ze hier dat van hen. 🥚

Ilke maakt een illustratie met olieverf, Uschi zet hun ideeën om in woorden.